Skip to content
Skip to content
  1. Home
  2. /
  3. Juridische begrippen

'Mensen die bij de politie werken, zowel recherche als blauw, gebruiken onderling een ontoegankelijke mix van afkortingen, formele vaktaal­ en beroepsjargon. Ooit is dat begonnen met portoprotocol, een poging om het meeluisteren met de hulpdiensten te ontmoedigen. Tegenwoordig hebben wij een recherchewoordenboek voor straattaal nodig om criminele communicatie te kunnen begrijpen.'

Maarten Severyn over vaktaal

Achter de woorden: je weet niet wat je leest

Juridische begrippen uit de wereld van het Openbaar Ministerie

Ook de wereld van het Openbaar Ministerie kent vele afkortingen, en in een aantal gevallen staan ze voor nogal ingewikkeld juridisch jargon. Dat bevordert de communicatie tussen vakgenoten, maar is een probleem als de juridische boodschap de mensen die het aangaat niet of maar gedeeltelijk bereikt. Met deze afkortingen zal ik de geïnteresseerde lezer van Severyn & Govaert zo min mogelijk vermoeien, maar ik ga ze net als voor de andere categorieën bijhouden in een overzicht dat je hieronder kunt raadplegen. 

In dit bestand zul je de betekenis van de meeste juridische begrippen uit de wereld van het Openbaar Ministerie kunnen vinden. Vaak actueel, soms van wat langer geleden, maar altijd een poging tot verheldering. En alles op alfabetische volgorde natuurlijk…

NB.: Dit overzicht wordt regelmatig aangevuld. Heb je aanvullingen of correcties?  Heel graag, twee weten meer dan één, toch? Stuur in dat geval alsjeblieft een mailtje naar All Fiction. Dank alvast! Veel leesplezier!

Kennisbank All Fiction - Juridische begrippen

Alles | A B C D E F G H I J K L M N O P R S T U V W Z
Er zijn 23 begrippen in deze lijst die beginnen met de letter V.
V
VERBEURDVERKLAREN
De rechter kan bepalen dat een veroordeelde als bijkomende straf de spullen kwijtraakt die bij hem in beslag zijn genomen.
VERDACHTE
Iemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over een redelijk vermoeden van schuld. Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld.
VERJARING
Op een gegeven moment gaat een strafdossier dicht, dat heeft de wetgever bepaald. Ook in bestuurs- en civiel recht kunnen zaken verjaren. Het argument daarvoor is rechtszekerheid. Wanneer verjaring ingaat hangt af van de ernst van de zaak. Overtredingen verjaren na drie jaar, misdrijven waar acht jaar gevangenisstraf op staat na twintig jaar. Niet alle oude strafzaken verjaren. Voor moord, doodslag, verkrachting, mensensmokkel en ernstige zedendelicten met kinderen is verjaring in 2013 afgeschaft.
VERSCHONINGSRECHT
Het recht dat een getuige op grond van zijn familierelatie met de verdachte of op grond van zijn beroep heeft om vragen van de rechter onbeantwoord te laten. Een getuige mag zich ook verschonen van het geven van een antwoord als hij zichzelf daardoor zou belasten.
VERSTEK
Niet verschijnen van de gedaagde of de verdachte op de rechtszitting.
VERSTEKVONNIS
Veroordeling die wordt uitgesproken terwijl de gedaagde of verdachte niet in de procedure is verschenen.
VERTICAAL STRAFRECHT
Tot het einde van de 18e eeuw functioneerde het strafrecht horizontaal: het streven was om de aangedane schade te vereffenen, het doel van de straf was vergelding en afschrikking. Onder Lodewijk Napoleon (1806-1810) werd het strafrecht verticaal ingericht: het delict werd vanaf die tijd gezien als iets wat de samenleving werd aangedaan, níet alleen het slachtoffer. Het was het begin van een formeel straf- en detentiestelsel dat tegenwoordig drie doelgroepen onderscheidt: mensen die preventief vastzitten, mensen die tot een korte celstraf zijn veroordeeld en mensen die voor langere tot zeer lange tijd in de gevangenis moeten verblijven.
VERVANGENDE HECHTENIS
Aantal dagen dat de veroordeelde moet vastzitten als hij zijn boete niet betaalt. Wanneer een boete wordt opgelegd, wordt er meteen bij vermeld aan hoeveel dagen vrijheidsstraf dit gelijkstaat.
VOEGING
Het samenvoegen van verschillende strafbare feiten tot één strafzaak of (in het civiele recht) het samenvoegen van twee procedures die tussen dezelfde personen lopen en hetzelfde onderwerp betreffen, dan wel verbonden zijn met elkaar.
VONNIS
Een proces eindigt uiteindelijk met een gemotiveerde, bindende uitspraak van de rechter. Dit kan zijn: vrijspraak, ontslag van rechtsvervolging of een veroordeling, bijvoorbeeld een geldboete, gevangenisstraf of het verrichten van werkzaamheden; de zogenoemde taakstraf.
VOORARREST
Het totaal aantal dagen dat een verdachte doorbrengt in een politiecel of Huis van Bewaring voorafgaand aan zitting en uitspraak. Het voorarrest kan bestaan uit ophouding voor verhoor (maximaal 6 uur), eventueel verlenging van het verhoor uitsluitend ter vaststelling van de identiteit (maximaal 6 uur), inverzekeringstelling (maximaal 2 x 3 dagen), inbewaringstelling (maximaal 14 dagen) en gevangenhouding (maximaal 90 dagen). Die laatste twee vormen van voorarrest worden ook aangeduid als voorlopige hechtenis. De dagen die iemand in voorarrest heeft gezeten, worden van de straf afgetrokken.
VOORARREST
Dagen die een verdachte doorbrengt in een politiecel of huis van bewaring voorafgaand aan zitting en uitspraak. Het voorarrest kan bestaan uit ophouding voor verhoor (maximaal 6 uur), eventueel verlenging van het verhoor uitsluitend ter vaststelling van de identiteit (maximaal 6 uur), inverzekeringstelling (maximaal 2 x 3 dagen), inbewaringstelling (maximaal 14 dagen) en gevangenhouding (maximaal 90 dagen). Die laatste twee vormen van voorarrest worden ook aangeduid als voorlopige hechtenis. De dagen die iemand in voorarrest heeft gezeten, worden van de straf afgetrokken.
VOORGELEIDING
1. Het laten verschijnen van een aangehouden verdachte voor de rechter-commissaris. Na de voorgeleiding beslist de RC of de verdachte in voorlopige hechtenis moet worden gesteld voor maximaal 14 dagen, de zogenaamde inbewaringstelling. 2. Het verhoor van een verdachte door de OvJ om vast te stellen of het Openbaar Ministerie de rechter moet vragen om de verdachte in voorlopige hechtenis te nemen.
VOORGELEIDINGS PV
Het proces-verbaal dat aan de rechter-commissaris wordt voorgelegd op basis waarvan deze moet beslissen of de verdachte in bewaring moet worden gesteld. Het verbaal hoeft geen wettig en overtuigend bewijs te bevatten, maar wel de zogenaamde ernstige bezwaren. Dat zijn sterke aanwijzingen dat de verdachte hetgeen hem wordt verweten ook werkelijk heeft begaan.
VOORLOPIG GETUIGENVERHOOR
Iemand die overweegt een civiele procedure te beginnen, kan aan de rechtbank een voorlopig getuigenverhoor vragen. Dit verhoor dient om de kansen bij een rechtszaak beter in te kunnen schatten, of om te voorkomen dat bewijs verloren gaat (door vertrek of overlijden van een getuige bijvoorbeeld).
VOORLOPIGE HECHTENIS
Een verzamelterm voor de begrippen bewaring, gevangenhouding en gevangenneming. De voorlopige hechtenis begint wanneer de rechter-commissaris toestemt met het verzoek van de officier van justitie om je na de inverzekeringstelling langer vast te houden. Deze voorlopige hechtenis bestaat uit twee delen. Het eerste deel heet bewaring, duurt maximaal 14 dagen en kan niet worden verlengd. Meestal brengen ze je daarvoor over naar een huis van bewaring. Het kan ook zijn dat je weer wordt teruggebracht naar het politiebureau; dit heet preventief zitten.
VOORLOPIGE VOORZIENING
Een voorlopige beslissing in spoedeisende zaken die gezien kan worden als tijdelijke regeling tot de eindbeslissing er is. In het bestuursrecht (tussen burgers en/of organisaties en de overheid) en het civiele recht (tussen burgers en/of bedrijven) kan je de rechter om zon voorlopige beslissing vragen. Daar wordt zon spoedeisende zaak meestal een kort geding genoemd.
VOORWAARDELIJKE INVRIJHEIDSTELLING
Als iemand is veroordeeld tot een gevangenisstraf die geheel onvoorwaardelijk is en langer duurt dan 1 jaar, hoeft de veroordeelde die straf doorgaans niet helemaal uit te zitten. Door de OvJ worden voorwaarden voor invrijheidstelling opgelegd, zoals het volgen van een vaardigheidstraining, elektronisch toezicht of een contactverbod. De veroordeelde mag in ieder geval niet opnieuw de fout ingaan.
VOORWAARDELIJKE STRAF
Straf die pas uitgevoerd wordt als de veroordeelde zich niet aan bepaalde voorwaarden houdt. Als voorwaarde geldt altijd dat de veroordeelde zich niet binnen de proeftijd opnieuw aan een strafbaar feit schuldig maakt. De proeftijd bedraagt in de meeste gevallen maximaal drie jaar. Als bijzondere voorwaarde kan bijvoorbeeld worden opgelegd dat de veroordeelde zich op bepaalde tijdstippen meldt bij de reclassering. Als de veroordeelde de opgelegde voorwaarden niet nakomt, kan de OvJ bij de rechter eisen dat de voorwaardelijk opgelegde straf alsnog ten uitvoer wordt gelegd.
VORMFOUT | VORMVERZUIM
Het door het Openbaar Ministerie verwaarlozen of niet in acht nemen van vormvoorschriften in een strafproces. Het OM spreekt zelf liever over procedurefout. Na bijvoorbeeld het onrechtmatig binnentreden van een woning zijn alle daardoor verkregen bewijsmiddelen onrechtmatig. In zon geval is zelfs het oordeel niet-ontvankelijk in de vervolging denkbaar.
VRIJSPRAAK
Beslissing van de rechter als hij het tenlastegelegde feit niet wettig en overtuigend bewezen acht. In dat gebal spreekt hij de verdachte vrij.
VRIJWARING
De gedaagde in een civiel proces kan een derde partij bij de procedure betrekken als die ook met de zaak te maken heeft, met het doel dat de negatieve gevolgen van de uitkomst van het geschil op die derde kunnen worden verhaald. Dat heet oproepen in vrijwaring.
VROUWE JUSTITIA
Godin van de Gerechtigheid, Vrouwe Justitia wordt beschouwd als hét symbool van de rechtspraak. Haar blinddoek staat voor rechtspraak zonder aanzien des persoons, haar weegschaal voor het afwegen van feiten en omstandigheden, haar zwaard voor het vonnis. De oude Grieken hadden een godin van de rechtvaardigheid, Themis. De Romeinen noemden die godin Justitia. Daar komt ook het woord justitie vandaan.